Wat een dag…

Wat een dag…

Soms heb je wel eens van die dagen, die anders dan anders verlopen en waar veel onverwachte dingen gebeuren… Gisteren, donderdag 1 augustus was zo’n dag. Een dag dat Linda en ik samen op pad gingen.

We hadden ’s morgens als eerste om 10 uur een afspraak bij de tandarts voor onze driekwart jaarlijkse controle. Toen ik aan de beurt was, vertelde ik dat ik nog steeds een gevoelige plek heb, bij mijn achterste kies. Een plek, die vooral gevoelig is als ik ’s morgens wakker word. Heel raadselachtig. Met een heel koud wattenstaafje en een röntgenfoto, kwam de tandarts er achter dat er een zenuw dood is en dat hij binnenkort de wortel schoon zal moeten spoelen, omdat het anders misschien toch weer kan gaan ontsteken. Ik vroeg natuurlijk of dat dan verdooft kan worden, en dat is gelukkig zo. “Het is alleen vervelend dat je dan een uur met je mond open moet liggen”, zei de tandarts. Nou ja, als het geen pijn doet, dan is dat niet erg.

Hierna reden Linda en ik met de Corsa naar Schiedam, waar we de sleutels van loodsen in Dordrecht op gingen halen, omdat Linda hier de binnenkant zou gaan fotograferen als opdracht van een architectenbureau. Afgelopen maandag had ze de buitenkant al vastgelegd. Toen we richting Dordrecht reden voelde ik dat de auto soms wat moeite had om dóór te trekken, alsof er wat haperde. Linda dacht dat het aan mijn rijstijl lag, maar ik zei dat het anders voelde dan anders. Mijn oog viel toen op een oranje lampje, dat af en toe aan ging. We besloten om toch maar te stoppen om te kijken wat er aan de hand was en zochten een benzinepomp op. Heel toevallig zagen we daar een ANWB auto staan, bij een ander pech geval. We belden de ANWB centrale (gelukkig had ik ’s morgens mijn pasje meegenomen) en na een half uur kwam de ANWB auto onze kant op.

We werden ontzettend aardig door Jan-Willem geholpen, die vandaag op pad was met een vrouw, die anders op het kantoor werkt. Met een apparaatje las hij uit wat er aan de hand was en in “Jip en Janneke taal”, wist hij ons dat goed uit te leggen. Het euvel zat in de bobine, waarbij een van de vier cilinders niet optimaal functioneerde en waardoor dus het schokkerige gevoel ontstond. Jan-Willem spoot wat kruipolie op de bougies, die in contact staan met deze cilinders en zei dat we onze weg gewoon konden vervolgen. “Binnenkort even langs de garage kan geen kwaad”, zei hij, “maar het kan ook zijn dat het nu is opgelost”. Dat was inderdaad zo. De rest van de dag heb ik het lampje niet meer zien branden en reed de auto zoals ik gewend was.

Na dit ANWB avontuur vervolgden we onze weg naar Dordrecht. Hier fotografeerde Linda de binnenkant van de drie loodsen. Bij het laatste pand begon het heel hard te regenen. Dit maakte een enorme herrie op het dak van de metalen platen. Na het nemen van alle foto’s, reden we weer terug naar Schiedam om de sleutels terug te brengen. Gelukkig ging het nog steeds goed met de auto en konden we met een gerust hart onze weg vervolgen.

Onze volgende stop was Ikea in Delft, waar ik spullen kocht voor de inrichting van de klas. Grote plastic bakken, een tafeltje en kleerhangers voor de huishoek, een karretje voor de eetbakjes en drinkbekers enzovoort. Leuk dat ik alles van mijn wensenlijstje kon vinden. We dronken er nog wat, omdat onze benen toçh wel wat moe begonnen te worden van de lange dag op pad. Maar nog even, en we zouden rond 18.15 uur thuis zijn. Dáchten we…

Ik wilde nog even langs school rijden om de spullen daar vast neer te zetten. Helaas vertoonde het alarm weer kuren. Ik voerde bij binnenkomst mijn code in en deed daarna de deur naar de gang open, maar op dat moment ging het alarm weer af. Net als vorige keer toen dit gebeurde, voerde ik weer mijn code in en toen bleef het gelukkig stil. Maar inmiddels had wel de beveiligingscentrale een seintje gekregen en belde naar school. De medewerker vroeg naar de code van zes cijfers, die je moet doorgeven als er iets mis gaat. Maar ja, het is vakantie, en de code was nergens te vinden. Ooit natuurlijk wel gekregen, maar het is niet iets dat ik standaard bij me heb. Gelukkig kon ik Nina van de administratie bereiken en zij heeft me kunnen helpen. Ik kreeg van haar het telefoonnummer van de centrale en de zes cijfers die ik door kon geven. Hiermee kon Westvliet beveiliging door hen worden afgebeld en kon ik met Linda de spullen in school zetten.

Om 19.00 uur kwamen we eindelijk thuis. Linda had nog een klein beetje energie om na deze lange dag Chicken Tonight te maken, wat we op schoot opaten. Het was me een dagje wel geweest. Ik heb alle bijzonderheden omtrent het alarm maar in mijn telefoon gezet, zodat ik een volgende keer alles bij de hand heb als ik iets door moet geven. Hoop dat mijn telefoon dan wel goed opgeladen is, want de 2% was wel erg weinig toen ik Nina wilde bellen. Gelukkig had ik wel een schooltelefoon bij de hand en lukte het zelfs het alarm er weer op te zetten met een tip van Nina, want ook daar had het alarm vandaag aanvankelijk geen zin in. Uiteindelijk kwam alles weer goed en waren Linda en ik blij dat we vandaag samen op stap waren.

Groep 1/2B 2018/2019

Groep 1/2B 2018/2019

Afgelopen schooljaar was ik leerkracht van groep 1/2B van OBS De Margriet. Op donderdag en vrijdag stond ik voor de groep, op de andere dagen een nieuwe collega, met kleuterervaring. Voor mij was het het eerste jaar dat ik een kleutergroep draaide. Al vaker had ik een dag per week “de kleuters” gedaan, maar afgelopen jaar was ik echt -mede- verantwoordelijk voor de groep. De groep startte met 13 kinderen, 8 kinderen in groep 1, 5 kinderen in groep 2.

Omdat ik afgelopen jaar wilde kijken of ik weer mijn werkplezier terug kon krijgen ben ik een schrift bij gaan houden waarin ik de leuke dingen opschreef die ik meemaakte. Hieronder een greep hieruit:

De rekenlessen geven, in het begin van het schooljaar aan de hele groep en later aan een deel van de groep, vond ik heel leuk. Vooral het zelf bedenken hoe te werken aan een doel gaf mij energie. De methode gebruiken als bronnenboek, ideeën opzoeken op internet of zelf iets bedenken was leerzaam. Ik genoot met de kinderen van het “Met Sprongen Vooruit” spel “Van pakken tot plakken”, een soort “Kip, ik heb je”, maar dan met rekenvaardigheden.

De lessen van de Kanjertraining waren ook heel leuk om te geven. De kinderen waren tijdens de oefeningen heel enthousiast, ze wilden allemaal de beurt krijgen. Bijvoorbeeld met het spel “Vallen als een plank”, waarbij het kind naar achteren valt en ik hem/haar op moest vangen. Het gaat bij dit spel om vertrouwen. Net als een kind, dat op de grond ligt, op laten tillen door vijf groepsgenootjes. Het vertrouwen in elkaar was in deze groep groot, iedereen wilde worden opgetild.

Ook de muzieklessen waren fijn om te geven. We zongen liedjes bij de thema’s en ik gebruikte regelmatig de schoolinstrumenten. Zo maakten we in de Sinterklaastijd een Sint- en een Pietenorkest. Ik dirigeerde, gaf aan wélk orkest moest spelen, of dat dat de hele groep zich mocht laten horen. De kinderen, ook de allerjongsten, begrepen dit “dirigeren” heel goed.

De lessen uit Schatkist, waarin een bepaalde letter centraal staat, waren ook heel leuk. Samen luisteren naar de klank, hoe voelt dat, met elkaar op zoek gaan naar spullen voor de lettertafel. Kinderen die tot de ontdekking komen dat een bepaalde klank of letter ook in hun naam zit, was prachtig om te zien.

In mijn schrift staan nog veel meer mooie momenten, te veel om hier allemaal op te schrijven. Het afgelopen jaar gaf ik les aan een fijne groep kinderen, die uiteindelijk uitgroeide tot een groep van 24. De ervaringen die ik heb opgedaan afgelopen jaar, kan ik goed gebruiken als ik komend schooljaar de groep 2/3 ga draaien. Een nieuwe uitdaging, waarbij ik weer les ga geven in mijn vertrouwde lokaal en waarvan ik mijn belevenissen ga bijhouden op mijn “Juf Iris” Facebook pagina. Maar nu eerst genieten van de zomer en de vakantie.

Le Havre

Le Havre


Dinsdag 11 juni was het dan zover: de Leeuwinnen zouden aftrappen voor hun allereerste wedstrijd van het WK. Omdat het WK voetbal dit jaar in Frankrijk werd gehouden én de poulewedstrijden aan te rijden zouden zijn, besloten Eus, Linda en ik de eerste wedstrijd in Le Havre bij te gaan wonen. Via de Fifa kochten we al vroeg kaarten, om zeker te zijn van een plaats.

Op zondag 9 juni reden we om 10 uur richting de Franse havenplaats, waar we een leuk, kleinschalig hotel hadden geboekt, op loopafstand van de boulevard en naar later bleek, de fanzone. Maandag 10 juni vermaakten we ons, ondanks de regen, prima in en rondom de stad.

’s Morgens bezochten de St. Joseph’s Church, een rooms-katholieke kerk. Van 1945 tot 1964 gaf de stad Le Havre de opdracht aan Auguste Perret om leiding te geven aan de wederopbouw van de stad nadat deze was verwoest door de Britten tijdens de Tweede Wereldoorlog. De St. Jozef werd gebouwd tussen 1951 en 1957/58 als onderdeel van deze opbouw. De enkele, centrale toren van 107 meter hoog, is goed zichtbaar vanuit de haven van de stad.

’s Middags reden we met de auto naar d’Étretat. De hele kust van d’Étretat is beroemd vanwege de gigantische krijtrotsen, waar één gedeelte iets weg heeft van een olifantenslurf. Ook de andere gebogen krijtrotsen zorgen voor de prachtige uitzichten waar d’Étretat zo beroemd om is. De krijtrotsen zagen we het best toen we aan de zuidkant de berg verder opliepen. Vanaf de boulevard gaat er een trap en weg naar boven toe die zich verder en verder vervolgt langs de krijtrotsen.

Boven aangekomen genoten we van het prachtige uitzicht en bezochten Linda en ik de tuinen van d’Étretat. Twee Russen kochten enkele jaren geleden een villa met bijbehorende tuin aan de rand van d’Étretat en restaureerden de meer dan een eeuw oude tuin. Vanaf 2017 kun je deze prachtige tuin bezoeken. De villa werd rond 1905 gebouwd voor Madame Thébault, een actrice uit het stadje, die bevriend was met de beroemde schilder Claude Monet. Zij liet op het erf een boom planten, die de aanzet vormde voor een uitgebreide tuin, de basis van de huidige Jardins d’Étretat. De Russische landschapsarchitect Alexandre Grivko heeft het geheel nu gevormd tot een groen paradijsje aan de kust. In de opbouw van de tuin herken je de omgeving terug, bijvoorbeeld de werking van eb en vloed, en de ronde vormen van de gesnoeide planten en struiken lijken op de zee, altijd in beweging. Tussen de struiken, die prachtig zijn gesnoeid, zijn allerlei kunstwerken te vinden die de bloemen, bomen en planten mooi aanvullen.

Hoewel de wedstrijd dinsdag pas om 15.00 uur zou beginnen in stadion Océane, waren we de hele dag bezig met de voorpret. De dag begon in de fanzone, waar we de eerste hordes oranje supporters zagen, met een optreden van “de gebroeders Rosso”, die de stemming er goed in wisten te brengen. Anderhalf uur later, liepen en zongen we als een oranje sliert achter de Oranje bus aan naar de pendelbussen die ons naar het stadion zouden brengen. Fransen, die langs de weg stonden en uit de ramen hingen, keken hun ogen uit. Na de strenge controle bij de ingang gingen we om 13.00 uur het stadion in, en waren we heel blij dat het juist deze dag stralend weer was. We hadden plaatsen vlakbij het veld en konden de Leeuwinnen dan ook heel goed zien tijdens de warming-up en de wedstrijd. Toen ik al vrede had met 0-0, omdat Oranje niet goed speelde, viel tóch het winnende doelpunt voor Nederland. Het Oranjelegioen sprong als één man op, het was prachtig om deze ontlading mee te maken. Dat deze overwinning het begin zou zijn van de zegetocht van de Leeuwinnen wisten we toen natuurlijk nog niet. Hoe het is afgelopen weten we allemaal, maar die allereerste wedstrijd in Le Havre was voor ons heel speciaal, want “wij waren er bij”.

Mijn moeder

Mijn moeder

Zoek houvast
bij de herinnering
want die leeft voort
voor altijd…
Zo beginnen de plakboeken die ik heb gemaakt na het overlijden van mijn moeder, op 20 februari 2010. Mijn moeder heeft tijdens haar leven heel veel fotoboeken gemaakt van dagelijkse gebeurtenissen, festiviteiten en reizen. Alle fotoboeken kwamen na haar overlijden bij mij terecht. Ik heb hier de hoogtepunten uit gezocht en stelde weer nieuwe fotoboeken samen voor mijn broer, zus en onze kinderen, zodat we allemaal nog eens terug kunnen denken aan de bijzondere vrouw, die mijn moeder is geweest. In deze blog vertel ik over het eerste fotoboek, dat ik voor mijzelf heb samengesteld.

Op de eerste bladzijde van het fotoboek is het schoolzwemdiploma A te zien, dat mijn moeder op 7 juli 1943 behaalde in Amsterdam. Zij was toen 12 jaar oud. Uit diezelfde periode komt het rapportboekje van de Tweede Eltheto-school uit Amsterdam-Oost. Bijzonder om te lezen dat van de eerste tot de vierde klas, het schooljaar liep van 1 maart t/m 28 februari. Dan, in 1942, begint het vijfde schooljaar in januari. Na de 6e klas, was er nog een 7e klas, die liep van 1 april 1944 tot 1 april 1945. In dit laatste rapport is te lezen dat mijn moeder zeer goed was in “Bijbelse geschiedenis”, waar ze een 9 voor kreeg. Natuurkunde was duidelijk niet haar favoriete vak. Naast deze twee officiële documenten is de akte van bekwaamheid in Nederlandse Handelscorrespondentie bewaard gebleven. Dit examen werd afgenomen in Den Haag op 25 juni 1956, mijn moeder was toen 25 jaar. Ik herinner mij nog wel dat mijn moeder in “steno” kon schrijven, waarschijnlijk heeft zij dat in deze periode geleerd.

Dan volgen foto’s uit 1963, van de Haverkamp in Den Haag, waar wij toen woonden. Familie kiekjes, foto’s met de buurjongens, huiselijke tafereeltjes, alles met commentaar erbij geschreven door mijn moeder. Ook foto’s van dierenpark Wassenaar, “waar de speeltuin een grote trekpleister was”. Hierna volgen bladzijden met vakantiefoto’s. In 1966 ging mijn moeder op vakantie naar Berner Oberland en Walis, een jaar later volgde Israël en op de foto’s van 1969 is te zien dat we met het gezin naar Oostenrijk gingen. Foto’s van gletchers, berghutten, dammetjes bouwen in beekjes en bouillon maken onderweg. Het was een avontuurlijke vakantie zo te zien.

Daarna volgen foto’s dichterbij huis. Het Kootwijkerzand en Stramproy in 1973. Hierna is de briefwisseling tussen mij en mijn moeder te lezen, waaruit blijkt dat zij alleen op vakantie was naar Tirol en ik logeerde bij famile in Noordwijk. Na al deze vakantieherinneringen zit in het fotoboek een brief van de Universiteit van Leiden, waarin staat dat mijn moeder is afgestuurd en dat “over enkele dagen haar bul zal worden uitgereikt”. In de brief wordt zij gelukgewenst met het behalen van de titel “drs. sociologie”.

Hierna volgen weer foto’s “dichtbij huis; mijn HAVO diploma uitreiking in 1976, het uitzicht vanuit ons huis van de Graaf Willem de Rijkelaan in Leidschendam, waar we toendertijd de treinen nog konden zien rijden. De vakantiefoto’s die volgen laten zien dat we in 1977 naar een vakantiehuisje in Beekbergen zijn geweest en in de kerstvakantie naar Gries in Oostenrijk. In 1979 bezocht mijn moeder Noorwegen, in augustus van dat jaar ging ik met mijn moeder voor het eerst naar Parijs. In de kerstvakantie van 1978/1979 gingen we met familie naar Westendorf, waar we Oud en Nieuw vierden. Een jaar later, in februari 1980, ging mijn moeder met een vriendin op wintersport. Het briefje dat ik toen in haar koffer deed, had ze bewaard en is terug te vinden in het fotoalbum. Dit eerste fotoalbum, vol met mooie herinneringen van mijn moeder en -deels- van mij, eindigt met een foto van een etentje bij de Chinees, waar wij de 50e verjaardag van mijn moeder vierden op 20 november 1980.

De Lessenaar/Het Palet

De Lessenaar/Het Palet

In mijn derde blog over de scholen waar ik heb gewerkt, is De Lessenaar/Het Palet aan de beurt, waar ik heb gewerkt van 1985 tot 2002. In deze 17 jaar gebeurde heel veel, ik heb mijn fotoboeken er even op na moeten slaan om mijn herinneringen in een goede volgorde te plaatsen.

In 1985 was er een overschot aan leerkrachten. Honderd sollicitanten voor een vacature was toen niet ongewoon, zo ook voor de vacature van groepsleraar (m/v) voor de openbare basisschool die in Poeldijk zou worden opgericht. Mijn blijdschap over het krijgen van de baan kan ik mij nog goed herinneren. Naast mij werden een directeur en een kleuterleidster aangesteld.

De school, met een kleutergroep en een gecombineerde groep 3 t/m 5, telde 39 leerlingen. Op maandag gaf ik les aan de 10 kinderen (9 jongens en 1 meisje) van groep 3, de andere dagen had ik ook de leerlingen van groep 4 en 5 er bij. De school huurde een verdieping in een MBO school aan de A.J. van Reststraat, waar we ook gebruik maakten van het schoolplein en de aula. Een groot voordeel was de gymzaal in het gebouw, zodat we geen tijd kwijt waren met “naar de gym lopen”. Wel kostte het schoolzwemmen veel tijd, met de bus gingen we een keer per week naar het zwembad in Monster.

In dat eerste schooljaar werd de school officieel geopend en kreeg het de naam “De Lessenaar”. Omdat de school zo klein was, werden Sinterklaas en Kerst gezamenlijk gevierd en gingen we met de hele school op schoolreis. Zo bezochten we in 1987 eerst Madurodam, waarna we ’s middags het Plaswijkpark in Rotterdam aandeden. Toen groep 8 er nog niet was, of erg klein was, werd het jaar een aantal keer afgesloten met een toneelstuk, opgevoerd door ouders en leerkrachten. Jaren later, toen groep 7/8 groot genoeg was, werd er gewerkt aan een musical op het eind van het jaar. Naast de maandsluitingen herinner ik mij ook de muziekafsluitingen die ik een aantal jaar heb gegeven. Ook op De Lessenaar gaf ik meerdere groepen muziekles en waagde ik me zelfs aan blokfluitles geven aan een hele groep leerlingen. Tijdens de muziekafsluiting zongen de groepen hun favoriete lied, speelden groepjes leerlingen blokfluit en speelde ik met een collega dwarsfluit, waardoor we zo bij elkaar een mooi programma hadden voor de leerlingen en hun ouders.

In 1991 vierde “De Lessenaar” haar eerste lustrum. We gingen zwemmen met de hele school en aten aansluitend pannenkoeken. In maart van dat jaar ging ik voor de eerste keer met zwangerschapsverlof. Als -voorlopig- afscheid voerde ik met mijn groep 3/4 een mini-musical op: “Loetje de hoedjesman”. Na mijn verlof ging ik twee dagen per week werken, afwisselend in diverse combinatiegroepen. Die dagen gaf ik naast de basisvakken mijn specialisaties: schrijven en muziek. Tijdens mijn verlof verhuisde de school naar een gebouw van een voormalige kleuterschool, aan de Bernardolaan. Ook herinner ik mij de projecten, waar we schoolbreed aan werkten en die we afsloten met een kijkavond. Het project “toerisme” had als afsluiting een schoolreisje naar “Het land van Ooit”.

In 1995 fuseerde De Lessenaar met drie andere openbare scholen, in verschillende dorpskernen van het Westland. Met een spectaculaire show, met als thema “Niet alleen maar samen”, waaraan alle leerkrachten meededen ging De Lessenaar op in Het Palet.

Ook buiten schooltijd deden we als team veel met elkaar. In de beginjaren, toen het team nog uit vier leerkrachten bestond, vierden we thuis bij de directeur Sinterklaas met gedichten en surprises. Een aantal jaar liepen we met leerlingen en ouders de Duinenmars. Ik kwam daarvoor uit Voorburg en liep mee met zoon in de kinderwagen. Ook heb ik heel wat keer bij collega’s thuis gegeten, als we ’s avonds op school moesten zijn voor bijvoorbeeld oudergesprekken, kijkavonden of de musical. In 1998 werkten vier collega’s 25 jaar in het onderwijs. Met alle leerkrachten van de vier vestigingen gingen we met een bus naar ‘s-Hertogenbosch, waar we de dag begonnen met koffie en een Bossche bol.

In 2002 was voor mij de tijd gekomen om dichterbij te gaan werken. Inmiddels was er een gebrek aan leerkrachten en wist ik dat ik welkom was op “De Margriet” in Leidschendam. De 17 jaar dat ik in Poeldijk heb gewerkt, draaide ik combinatiegroepen, waar ik veel van heb geleerd. Vooral bij de groep 3/4 voelde ik mij “als een vis in het water”. Ik vond het erg leuk dat ik op deze school de kans kreeg om mijn muziekideeën uit te voeren. Dit jaar werk ik net zolang op De Margriet als in Poeldijk: 17 jaar. Ik ben er nog niet uit wanneer ik over De Margriet een blog zal schrijven. Als ik het nú doe, voelt het of ik al ga stoppen met werken en dat is nog niet zo (waarschijnlijk-:)

Weekendje Kempervennen

Weekendje Kempervennen

Vrijdag 11 januari was het dan zover! Met alle (schoon)kinderen en klein(e)zoon gingen we op pad voor een lang weekend in een huisje van Center Parcs in Noord-Brabant. Dit leuke cadeau hadden Eus en ik gekregen voor onze verjaardagen in november.

Vrijdag 11 januari moest ik eerst nog werken. Na het opruimen van de klas, ging ik een keer vroeg naar huis, waar ik de laatste spullen inpakte en andere kleren aandeed, zodat we om 16.15 uur naar de Kempervennen konden rijden. Het was aardig druk onderweg, en vooral het laatste stuk over de binnenweggetjes erg donker. Rond 18.30 u kwamen we aan bij het huisje. Het was een gelijkvloers huisje voor 8 personen, met vier slaapkamers en twee badkamers. Het huisje was heerlijk ruim en voorzien van een open keuken.

De eerste avond aten we lekkere hapjes, kippetjes, stokbrood, rauwkost, gehaktballetjes en quiche, alles ingekocht en gemaakt door (schoon)zonen Joep en Max. Toen klein(e)zoon op bed lag, speelden we het eerste spelletje van het weekend. Dit was dé activiteit dit weekend; met z’n allen of in kleine groepjes spelletjes spelen als “Ticket to Ride”, “Déja Vu”, “Code name” en “Regenwormen”. Tussendoor werd er ook geschaakt. Klein(e)zoon had dit weekend als favoriete activiteit filmpjes kijken op zijn I-pad. Soms zat hij een hele tijd te kijken, terwijl wij opgingen in ons spel.

Zaterdag 12 januari gingen we na het ontbijt met z’n allen naar het zwembad. Het was een prachtig bad, met een golfslagbad, een wildwaterbaan, glijbanen en leuke peuterbadjes. Je kon ook buiten zwemmen, waar het water 30 graden was en voor de stoere zwemmers onder ons een ijskoud dompelbad. Klein(e)zoon genoot van het zwemmen. Hij sloeg met z’n handjes in het water en hij ging vaak van het glijbaantje af, omhoog geholpen door opa, en opgevangen door mama of papa. Toen hij een keer van een grote glijbaan was afgeweest, wilde hij hier vaker af. Samen met z’n vader, tante of oom gleed hij door de tunnelglijbaan, onderaan opgewacht door de rest van de familie, die een luid applaus gaven, als hij weer tevoorschijn kwam. ’s Middags viel klein(e)zoon uitgeteld in slaap en waren wij ook aardig loom geworden van het zwemavontuur. ’s Avonds aten we nasi, klaargemaakt door Linda en Rowan. De nasi, met “geplukte kip”, bosuitjes, doperwtjes, gebakken ei en “Yellow Label” smaakte heerlijk.

Zondag 13 januari begonnen we rustig aan. Het was nog steeds regenachtig, daarom bleven we binnen en speelden we na het ontbijt, tot 11.30 u spelletjes. Hierna gingen we bowlen. Tegen inlevering van vouchers konden we goedkoop voor twee uur een baan huren, waar we met z’n zevenen twee potjes van 10 ronden speelden. De eerste ronde won Febe met precies 100 punten, de tweede ronde was Joep veruit de beste. We deden allemaal ons best om récht te gooien, maar toch gebeurde het regelmatig dat de bal al vroeg in de goot terecht kwam, of nét op het eind afboog, om alsnog in de goot te belanden. Wie twee keer 0 gooide, kon sóms het geluk hebben, dat het -oude- systeem dit niet herkende en mocht er nogmaals een poging worden gedaan. Tussendoor dronken we gezellig wat en bestelden we een borrelplankje. Na het bowlen liepen we door de regen terug naar het huisje, waar klein(e)zoon net wakker werd. Opa was bij hem gebleven, zodat hij toch een middagslaapje kon doen.

Na twee spelletjes “Ticket to Ride” gingen we om 17.00 uur weer richting het centrum lopen, waar we om 17.30 uur een tafel hadden gereserveerd bij een Italiaans restaurant. De dag sloten we af met een paar spelletjes “Code name”, waarbij dit keer “de oudjes” tegen “de jonkies” speelden. Er werd weer stevig nagedacht, de strijd ging leuk gelijk op. Die avond gingen we op tijd naar bed, omdat we de volgende dag alles nog moesten inpakken en opruimen.

Maandag 14 januari was het om 10 uur tijd om het huisje te verlaten na een gezellig weekend met elkaar. De foto’s die gemaakt zijn, laten ons nog even terug denken aan de mooie momenten van dit heerlijke gezinsweekend.

OBS De Brandaris

OBS De Brandaris

Nu ik op het eind van dit schooljaar 40 jaar voor de klas sta, wordt het hoog tijd dat ik vertel over de tweede school waar ik heb gewerkt.

Na mijn eerste jaar voor de klas in Rotterdam, kwam ik in augustus 1980 terecht in Hellevoetsluis. Hellevoetsluis was op dat moment een groeigemeente, huizen en scholen schoten er als paddenstoelen uit de grond. Ik kwam te werken op “De Brandaris”, een experimentele basisschool, waar leerkrachten uit het hele land werden aangesteld. Uit Friesland, Drenthe, Zeeland, de Randstad, allen maakten we de stap naar deze groeigemeente, waar we niet alleen een baan vonden, maar ook een woning.

De Brandaris was gevestigd in een gloednieuw schoolgebouw met vloerbedekking en waar elk lokaal een open wand had, die alleen werd gesloten als er bijvoorbeeld een muziekles werd gegeven. De kinderen droegen in het gebouw pantoffels, om de vloerbedekking netjes te houden.

De Brandaris was een experimentele basisschool, waar werd gekeken hoe het best gewerkt kon worden met leerlingen van 4 t/m 12 jaar. In 1980 waren er nog aparte kleuter- en lagere scholen, pas vijf jaar later zou de basisschool officieel worden ingevoerd. Op De Brandaris konden kleuters van groep 2, drie keer per jaar doorstromen naar groep 3. De grootste groep leerlingen ging gewoon na de zomervakantie naar groep 3, maar wie nog iets meer tijd nodig had in groep 2, kon ook na de kerstvakantie doorstromen. Voor leerlingen die al eerder naar groep 3 konden, was het mogelijk om na Pasen door te stromen. Door dit systeem werd in alle groepen op drie niveaus lesgegeven bij lezen, taal, spelling en rekenen. De zaakvakken werden geïntegreerd op een niveau gegeven.

Om dit alles goed te laten verlopen en ook om nieuwe zaken te bespreken, hadden we twee keer per week vergadering in werkgroepen. Ook gaven we zelf gym- en handvaardigheidslessen, “om het in de vingers te houden”. Dit was toen best bijzonder, omdat er op lagere scholen meestal gym- en handvaardigheidsdocenten waren aangesteld.

Omdat muziek als een rode draad door mijn -schoolse- leven loopt, heb ik ook bij deze blog een muziekfoto geplaatst. De foto is gemaakt tijdens een kerstdiner, waar we met alle groepen in de aula zaten. In deze aula verzorgde elke groep om de beurt op vrijdagmiddag een weeksluiting, waarbij alle groepen kwamen kijken. Er werd gedanst, toneel gespeeld en muziek gemaakt. Het was de begintijd van Kinderen voor Kinderen en tijdens vele weeksluitingen waren de liedjes zoals “Ik heb zo waanzinnig gedroomd” of “Op een onbewoond eiland” te horen en werd er meegezongen door de hele school. Dit zijn mooie herinneringen.

Op deze school heb ik veel geleerd van het lesgeven in drie groepen, wat me goed van pas kwam tijdens de vele jaren dat ik combinatiegroepen heb gedraaid. Verder begonnen we hier met team-teaching. Ik gaf muziek aan groep 7, de leerkracht van deze groep nam mijn groep dan over.

In augustus 1985 was er voor mij geen formatie meer en ging ik weer solliciteren. Het was het jaar dat de basisschool werd ingevoerd en er een overschot was aan leerkrachten. Honderd sollicitanten op een vacature was geen uitzondering. Ik werd aangenomen in Poeldijk, waar een openbare school werd opgericht. Toen ik het telefoontje kreeg dat ik was aangenomen, leek het alsof ik zweefde. Zó ontzettend blij was ik dat ik was aangenomen. Over deze derde school, waar ik heb gewerkt van 1985 tot 2002, vertel ik een volgende keer.

60 jaar!

60 jaar!

Maandag 5 november vierde ik mijn 60e verjaardag. 60 jaar! Het voelt als een bijzondere leeftijd. Een leeftijd richting niet meer werken, waarop je in aanmerking komt voor diverse kortingen én natuurlijk weer een kroonjaar. Dit bijzondere kroonjaar vierde ik op drie momenten.

Zondag 4 november begonnen de feestelijkheden. Aan het begin van de middag werd ik even naar zolder verbannen, zodat er beneden van alles voor mij versierd kon worden. Toen ik beneden kwam hingen er slingers en ballonnen en voor het raam hing een enorme zilverkleurige 60. Rond een uur of vier waren alle -schoon-kinderen en klein(e)zoon aanwezig en begonnen we met toasten en taart eten.

Eus werd ook gefeliciteerd, omdat hij ook zijn verjaardag vierde. We kregen als cadeau een enorme kaart, waarin iedereen wat liefs geschreven had voor ons. In de kaart stond vermeld dat we als cadeau een weekendje weg krijgen. Een weekendje met z’n allen naar Center Parcs, heel leuk om naar uit te kijken. Hierna ging Eus even wandelen met klein(e)zoon en speelden de anderen “Kamelenrace”. Om half 6 was het tijd om naar Rose Garden te rijden, waar ik een tafel had gereserveerd. We pasten precies aan de ronde tafel in de hoek bij het raam. Er was een buffet, zo kon iedereen zelf een lekker bord samenstellen.

’s Avonds wilden Linda en ik om 00.00 uur toasten met champagne op mijn 60e verjaardag, een traditie van de laatste jaren. Toen Eus naar bed ging, omdat hij de volgende dag moest werken, verschansten Linda en ik ons gezellig op de bank met een dekentje en wat te drinken en keken we naar een film via Netflix. Om half 12 maakten we de champagne vast open, keken de film af en gingen even over twaalven naar bed.

Maandag 5 november had Linda een verrassingsdag voor mij georganiseerd. Om 11 uur gingen we naar Leidsenhage, waar we bij “De Heren van Beest” gingen ontbijten en koffie drinken. Hierna deden we nog wat kleine boodschappen en bewonderden we het nieuwe gedeelte van Leidsenhage (straks The Mall of the Netherlands), dat er grandioos uitziet. Om 14.00 uur reden we naar Waddinxveen, waar we mijn vader gingen opzoeken. Dat wilde ik graag doen op deze bijzondere verjaardag. Tien jaar geleden, op mijn 50e verjaardag, ging ik op bezoek bij mijn moeder met mijn broer en zus en nú vond ik het leuk als mijn vader mij zou feliciteren. Broer en zus waren er nu niet bij, maar ik zorgde er deze dag wél voor dat ik een afspraak maakte om onze vader weer eens met z’n drieën tegelijk te ontmoeten.

Toen we weer thuis waren ging Linda het verrassingseten klaarmaken; allemaal Tapas hapjes met heerlijke vleeswaren en bijzondere ingrediënten. Ondertussen dekte ik de tafel feestelijk met het “verjaardagskleed”, veel kaarsen en lichtjes. Bij de hapjes, die fantastisch smaakten, dronken we weer van de champagne. Het was een echt feestmaal.

De verrassingsdag werd afgesloten met een bezoek aan het Casino in Scheveningen. Linda was hier al een paar keer eerder geweest met verjaardagen en ik vond het leuk om hier ook eens een kijkje te nemen. We spraken ieder een bedrag af om mee te gokken; ik €60 en Linda de helft. Als dit op was zouden we stoppen en weer naar huis gaan. We wisselden de euro’s in voor muntstukken van 5 euro en gingen hier Roulette mee spelen. Om en om zette we een munt in, een paar ronden op de ene tafel, daarna weer op een andere tafel. Tussendoor dronken we wat en keken we hoe andere mensen speelden. Er heerste een hele gezellige, rustige sfeer. Eerst gokten we rustig aan; op rood of zwart, op even of oneven. Maar toen we 5 euro munten hadden ingewisseld voor €2,50 munten, durfden we ook te gokken op rijen, vlakken en soms een enkel nummer. Dit was eigenlijk veel leuker, de kans is iets kleiner dat je wint, maar valt het balletje goed, dan krijg je er meer munten bij. Na wat winnen en verliezen, had Linda na een paar uur spelen weer haar €30, dat ze ging inwisselen voor geld. Een gezellige avond, die in feite niets heeft gekost, hoe leuk is dat. Ik had nog wat munten over en we spraken een tijd af dat we zouden stoppen. Ondertussen gaf ik steeds wat aan Linda, zodat we allebei nog konden spelen. Tien minuten voordat we wilden stoppen, kregen we “uit het niets” van een man, die achter ons stond ieder een €20 munt. Wow, dachten we, €20! En heel bijzonder, omdat we het kregen, durfden we er meer mee te doen. Ik zette in op een rij, Linda op een blok van vier getallen. En …. wat een geluk! Het balletje rolde goed voor ons, ik had mijn €60 weer terug (en zelfs €5 winst) en Linda ontving maar liefst €185, wat voor haar aanvoelde als de Jackpot. Wat moesten we lachen! Snel gingen we onze munten inwisselen en liepen we nog even langs Mac Donalds voor een ijsje, waarmee we nog even heerlijk nagenoten van ons Casino avontuur.

Zaterdag 10 november vierde ik mijn verjaardag in De Bakkerswinkel in Zoetermeer met een High tea voor familie en een paar vrienden. We zaten aan een gezellig gedekte tafel, waar we om half 3, na het uitpakken van de leuke cadeautjes, heerlijke taartjes, stukjes quiche en sandwiches kregen met grote potten thee. Tussendoor liet ik mijn gasten de “wie kent mij” quiz doen, die ik ook zondag 4 november had gedaan. Aan de hand van vragen van theezakjes, had ik mijn vier antwoorden samengesteld en er moest worden geraden welk antwoord op mij van toepassing was. Het was lastig, want bij het nakijken zei ik vaak: “Het zóu kunnen, maar het andere antwoord is beter”. We hebben er erg om gelachen, uiteindelijk had iedereen als score: “Leuk dat je meedeed, je hebt me nu beter leren kennen”.

Mijn broer en zus hadden een leuk ABC over mij gemaakt. De allermooiste letter vond ik de M: de M is van Mooi. Jij ziet  in kleine dingen grote schoonheid. Hoe prachtig is dat. Als afsluiting van de High tea kregen we allemaal nog een glaasje witte wijn of fris met een toastje zalm. Het was een erg gezellige middag, waarvan Linda leuke foto’s heeft gemaakt, zodat ik nog heerlijk kan nagenieten.

60 jaar…. het waren gezellige dagen met veel leuke verrassingen. Ik ben van plan er er een fotoboek van te maken, zodat ik nog heerlijk kan nagenieten van al deze mooie momenten.

Herfstvakantie 2018

Herfstvakantie 2018

Een vlinder
telt geen maanden
doch momenten
en heeft tijd genoeg

De leuke momenten van mijn herfstvakantie heb ik opgeschreven om te bewaren als fijne herinneringen.
Voor mij begon de herfstvakantie al op donderdag 18 oktober.
’s Morgens reed ik om 10 uur richting Delft om op te gaan passen op klein(e)zoon. Leuk om hem ook eens mee te maken tussen z’n eigen speelgoed en te zien waar hij thuis zoal mee speelt. Hij begint al een beetje het bouwen met Duplo blokken te begrijpen en ook het keukentje -gekregen van onze overburen- is favoriet.  Zo liep hij met in elke hand een grote pan uit de “echte” keuken, naar het fornuisje en zette de pannen er op, waarna hij van alles in de pannen ging stoppen. Een mooi gezicht.

Vrijdagavond ging ik badmintonnen. Het was wel niet “mijn avond”, maar in de vakantie, is het lekker om ook eens op een andere speeldag te badmintonnen. Als bestuurslid is het daarbij ook leuk om eens andere spelers te ontmoeten van onze badmintonclub.

Zondag 21 oktober vond ik het tijd om toch maar mijn zomerkleding om te ruilen voor mijn winterkleding. Aan de lange zomer en nazomer zou nu toch écht wel eens een einde komen? Ik haalde mijn winterkleding uit de koffers en stopte de zomerkleding er in terug. Het uit de koffers halen van de seizoenskleding is altijd leuk, vind ik. Er komen vaak momenten voorbij als: “O ja, dat had ik ook nog”. In de vakantie was het nog een paar dagen aardig weer, maar halverwege werd het dan toch écht winters en had ik het wisselen toch niet voor niets gedaan.

Maandag 22 oktober ging ik gezellig met Linda en Noah naar Monkey Town in Rijswijk. Noah was al vaker in zo’n binnenspeeltuin geweest, dat was goed te zien. Hij klauterde, bouwde en gleed er lustig op los. Tussendoor dronken en aten we wat aan de vele tafels die er stonden. Na twee uur spelen, lopen en klimmen was het tijd om naar huis te gaan. Noah viel in de auto gelijk in slaap. Thuis aangekomen kon ik hem al slapend in zijn bedje leggen, waar hij nog twee uur doorsliep en ik ook even bij kon komen van ons Monkey Town avontuur.

Dinsdagochtend kreeg ik van een badminton speelster stapels prachtig gekleurd papier en bijpassende enveloppen. Ooit maakte ze zelf kaarten, maar inmiddels niet meer en daarom gaf ze alles aan mij. Heel lief. ’s Avonds genoot ik van de voetbalwedstrijd Ajax – Benfica op de televisie. Helemaal geweldig toen Ajax in blessuretijd tóch nog 1-0 wist te scoren.

Woensdag ben ik met Linda naar Ikea geweest. Altijd leuk om daar rond te lopen en ideeën op te doen. Ik kocht er een kleed voor de klas, een wekker voor op mijn werkplek op zolder en een lijstje voor de oude kerstfoto, die ik had gekocht bij de Y-hallen.

Vrijdag ben ik met nicht Irene en haar man naar het Gemeentemuseum in Den Haag geweest, waar we de tentoonstelling “Art Nouveau” bekeken en schilderijen van Alexej von Jawlensky bewonderden. Er was nog veel meer moois te bekijken, maar we wilden ook nog even langs het ernaast gelegen Fotomuseum. Hier bekeken we de tentoonstelling “Generation Wealth” van Lauren Greenfield, die zich al 25 jaar bezig houdt met het thema “rijkdom”. Generaton Wealth is een verslag van het verlangen om rijk te zijn, tegen elke prijs. Ook in Het Fotomuseum zijn nog meer dingen de moeite waard om te bekijken, reden dus om nog een keer die kant op te gaan. ’s Avonds keek ik via Netflix “De Marathon” met Linda. Een mooie film die we allebei nog niet hadden gezien.

En ook de laatste dag van de vakantie ging ik er op uit. Met Febe en Linda bezocht ik het Anne Frank huis in Amsterdam. Het verhaal van Anne maakte op mij als 15- jarige enorme indruk. Ze heeft mij geïnspireerd om ook dagboeken te gaan schrijven en Het Achterhuis heb ik meerdere keren gelezen. Het huis heb ik in het verleden wel eens bezocht, en ook nu was het weer heel indrukwekkend. Anne, geboren in hetzelfde jaar als mijn vader, gestorven onder vreselijke omstandigheden, we werden er stil van. Na dit bezoek gingen we lunchen bij “Bagels en Beans”, waarna we naar de Kalverstraat liepen. Ik wilde graag een jurk voor mijn 60e verjaardag kopen. Leuk om dit met de meiden te doen; zij hielpen mij met keuren. Te kort, te kleurrijk, te zakkerig, te oubollig. Het was nog een hele opgave, maar uiteindelijk was daar dé jurk. Febe wees me er op; een vrolijke jurk met herfstkleuren. De jurk stond me heel leuk en zat goed. De missie was geslaagd. Nadat we gezellig bij Febe op haar kamer een hapje hadden gegeten, reed Linda weer naar huis.

Het was een fijne herfstvakantie, met mooie momenten thuis en “op pad”.

“Op kamers”

“Op kamers”

Ruim 40 jaar geleden, in de zomer van 1977, besloot ik “op kamers” te gaan. Ik was 19 jaar en zou na de zomer naar het tweede jaar van de Pedagogische Academie gaan. Tijd om zelfstandig te gaan wonen vond ik. Niet omdat ik het thuis niet meer naar mijn zin had, maar het leek mij gewoon leuk om zélf boodschappen te doen, te koken en bezoek te ontvangen.

Ik kwam terecht in de Paul Gabriëlstraat in Den Haag, waar ik een gemeubileerde kamer kon huren voor 275 gulden per maand. De kamer bevond zich op de tweede etage in het huis van Henk en Marry, een jong stel met een kindje van 9 maanden.

De kamer, van ongeveer 16 vierkante meter, had een houten donkerbruin gebeitste vloer, twee groene muren en paarse gordijnen van batik stof. Op de grond lag een paars kleed en op het bed lag een sprei van dezelfde stof als de gordijnen. Verder was er een vaste wastafel en waren er twee deuren die open konden naar het kleine balkon. Ik kon gebruik maken van de keuken op de eerste etage, had een klein stukje van de koelkast tot mijn beschikking, kon gebruik maken van de douche, die naast mijn kamer lag en van de telefoon, die een extra aansluiting op mijn kamer had.

De kamer huurde ik met de grote meubelstukken zoals een bed, een ronde tafel en een vaste kast voor mijn kleding. De kleine meubels waren van mijzelf: kleine kastjes, stoeltjes en héél veel planten, die echt overal stonden. Mijn kamer lag heerlijk centraal, vlakbij het centrum van Den Haag, waar ik regelmatig alleen naar de bioscoop of het theater ging. Ook het Haagse Bos, Clingendael en het strand lagen op fietsafstand, waar ik regelmatig te vinden was, gezien de vele foto’s die ik hier heb geschoten. De kerkklokken, die op mijn kamer goed te horen waren, gaven mij, vooral in het begin, een vertrouwd gevoel.

Het langst fietsen was voor mij nog Leidschendam, naar het huis van mijn moeder aan de Willem de Rijkelaan. Hier fietste ik elke week meerdere keren heen, omdat ik dan ging badmintonnen in De Fluit. Elke woensdagavond speelde ik met mijn badmintonvrienden en in de weekenden was er competitie. Het was de tijd van lang blijven hangen in de kantine, toernooien en allerlei uitstapjes die we met elkaar maakten. Op mijn kamer kon ik dan weer bijkomen van alle drukte.

Ik vond het heerlijk om achter mijn bureau te schrijven en te luisteren naar muziek van Juliën Clerc, Patti Smith en Fleetwood Mac. Bij de muziek van Saterday Night Fever en Grease kon ik heerlijk dansen en zingen, lekker in mijn uppie, niemand die het zag. Ook luisterde ik regelmatig naar de radio, een TV had ik niet. Ook herinner ik mij nog dat ik dwarsfluit speelde en elke week een paar keer moest oefenen voor de volgende les op vrijdag. De buurjongetjes vonden dat heel bijzonder, ze keken dan om het hoekje van het balkon en maakten rare geluiden om de aandacht te trekken. Daar kon ik me aardig aan ergeren.

In april 1979 kwam ter sprake, dat ik een etage zou kunnen huren in het grote huis van mijn oma in Scheveningen. Wat was ik blij! Een etage…. dus veel meer ruimte en een eigen keukentje en badkamer. Helaas ging dit feest op de valreep niet door, door onenigheid in de familie. Ik huilde uit bij Henk en Marry en zij waren zo lief om te zeggen, dat ik nog bij hen kon blijven wonen.

Maar een jaar later moest ik de kamer dan toch echt verlaten. De reden weet ik niet meer, maar ik denk dat het gezin de kamer zélf nodig had i.v.m. gezinsuitbreiding. Ik zette daarom een advertentie: “Spoed! Jonge onderwijzeres zoekt kamer(s) met kookgelegenheid” en vond een kamer in een luxe villa in de Laan van Leeuwesteyn in Voorburg. Het was een prachtig huis, waar ik een kleine kamer huurde, en gebruik kon maken van de riante badkamer. Ik zou er slechts enkele maanden wonen, omdat ik een baan vond in Hellevoetsluis. Destijds een groeigemeente, waar de woningen en scholen uit de grond werden gestampt. Ik kon er mijn eerste “echte” huis huren. Na drie jaar “op kamers” kreeg ik dan tóch een grotere woonruimte met een eigen keuken en een badkamer. Een heel rijk gevoel, vooral ook door het prachtige uitzicht over het Haringvliet.